Irena Barbara Kalla, Bożena Czarnecka (red.) Neerlandistische ontmoetingen. Trefpunt Wrocław. Oficyna Wydawnicza Atut - Wrocławskie Wydawnictwo Oświatowe, Wrocław 2008, 478 s.

W efekcie intensywnej pracy redakcyjnej dr Ireny Barbary Kalli, dr Bożeny Czarneckiej, Geerta Loosena (Mechelen) oraz AleksandryZiemlańskiej (Oficyna Wydawnicza Atut), w niecały rok po kongresie 'Trefpunt Wrocław' ukazała się książka z artykułami uczestników. Książka jest już dostępna w naszej bibliotece.

Recenzentem wydawniczym publikacji był prof. Bart Vervaeck z Uniwersytetu w Gandawie. Poniżej fragmenty jego recenzji.

Bespreking Neerlandistische ontmoetingen. Trefpunt Wrocław
Bart Vervaeck (UGent)

Trefpunt WrocławDeze omvangrijke bundeling van neerlandistisch onderzoek brengt een groot aantal disciplines, onderwerpen en onderzoekers bij elkaar. Gevestigde wetenschappers worden samengebracht met beginnende onderzoekers, theoretische vraagstukken met praktische case study's, tekstuele interpretaties met contextuele analyses. De verrijkende confrontatie die hiervan het gevolg is, laat mooi zien hoezeer de neerlandistiek gebaat is bij dergelijke internationale ontmoetingen. Nieuwe onderwerpen en nieuwe invalshoeken worden aangereikt. De aansluiting bij de recentste internationale ontwikkelingen verloopt moeiteloos, zowel in de taalkunde als de literatuurstudie.

In de letterkundige beschouwingen is er aandacht voor afzonderlijke auteurs en teksten, maar evenzeer voor comparatistische studies en historische overzichten. Het onderzoeksdomein is ruim, zowel qua tijd als qua onderwerp en benaderingswijze. De bijdragen bestrijken ongeveer alle fasen van demiddeleeuwse tot de hedendaagse literatuur. Ze hebben oog voor interculturele en postkoloniale aspecten, voor gender en genres, voor de functie, de werking en de dynamiek van de Nederlandse literatuur in al haar verscheidenheid.

De taalkundige bijdragen geven een al even veelzijdig beeld te zien. De meeste zijn descriptief van aard en vertrekken van concreet corpusonderzoek, maar tegelijk is de vraagstelling theoretisch internationaal ingebed. Ook hier valt de wisselwerking op tussen specifiek neerlandistische bijdragen en comparatistische studies. Ook hier leest men interessante en vernieuwende inzichten die zowel betrekking hebben op de functie van de taal als op haar werking en ontwikkeling. Theoretische en toegepaste taalkunde gaan hand in hand.

Alles bij elkaar bieden deze bijdragen niet alleen een voortreffelijk beeld van de neerlandistiek als discipline, maar ook iets wat alleen de ontmoeting tussen nationale en internationale neerlandistiek kan tonen: een zicht op de internationale inbedding, ontwikkeling en synergie van het onderzoek in die discipline.